Dialogue

Halverwege de jaren ’90 organiseerde Rudi Fuchs in het Stedelijk Museum een serie tentoonstellingen onder de titel ‘Coupletten’ waarin hij vrijelijk associërend keuzes maakte uit de collectie van het museum en die op onverwachte wijze met elkaar in verband bracht. Vaak werken uit de opslag die niet eerder getoond waren naast de bekende meesters. Dat vond ik toen, herinner ik me, een heel verfrissende manier van presenteren. Niet altijd even geslaagd, soms onnodig verwarrend en geforceerd, maar er was steeds een spannende wisselwerking. Dat dit nauw luistert blijkt wel uit de huidige opstelling van de vaste collectie in ‘de kelder’ van het museum, waar het zo bont geworden is dat het niet meer werkt.
Met zestien vestigingen van Beverly Hills tot Hongkong  behoort Gagosian Gallery bij de top. In de Parijse afdeling -die als een klein museum fungeert met negen bewakers en acht stafleden achter de computer)- is nu de tentoonstelling  Critical Dictionary: in homage to G. Bataille te zien.
Georges Bataille, de ‘filosoof van de surrealisten’ lanceert in Documents -een tijdschrift dat hij uitgaf-, de gedachte dat werk van geheel verschillende oorsprong (jazz en archeologie bijvoorbeeld) elkaar voeden. Een van de beweegredenen was om hoge en lage kunst (beaux arts et variétés) bij elkaar te brengen.
In deze tentoonstelling in verschillende zalen, is er steeds een sculptuur naast een schilderij geplaatst, zo eenvoudig is het; kaal en zuiver. Het boort verschillende manieren van kijken en vergelijken aan. Zeer uiteenliggende werelden zijn het, die toch -op een heel ondoorgrondelijke wijze- een verbinding aangaan met elkaar. Soms verhalend, soms heel formeel op kleur, maar steeds versterkend en gek genoeg nooit vrijblijvend. Het deed aanspraak op allerlei lagen van ervaren, klinkt soft maar beter kan ik het niet zeggen.

 

IMG_3519

René Magritte – Le Démon de la Perversité (1929)en Duane Hanson High School Student (1990)

 

IMG_3529

Dan Flavin- Untitled 1966 en Helen Frankenthaler Grasses 1992

 

IMG_3530

Frank Stella Ascending Green Values D’ Scramble 1978 en een Apollo uit de tweede eeuw

 

reni.jpg

Donald Judd Untitled 1991 en Guido Reni Saint Jerome (1605)

 

In the mid-1990s, Rudi Fuchs organized a series of exhibitions in the Stedelijk Museum in Amsterdam under the title ‘Couplets’ in which he made freely associating choices out of the museum’s collection and connected them in an unexpected way. Often work from the storage that had not previously been shown in addition to the well-known masters. I found that, I remember, a very refreshing way of presenting. Not always successful, sometimes unnecessarily confusing and forced, but there was always an exciting interaction. It’s tricky, which shows the current set-up of the permanent collection in the basement of the museum, where it no longer works.
With sixteen branches from Beverly Hills to Hong Kong, Gagosian Gallery belongs to the top. In the Paris section – which functions as a small museum with nine guards and eight staff members behind the computer – the Critical Dictionary exhibition can now be seen: in homage to G. Bataille.
Georges Bataille, the ‘philosopher of the surrealists’, launched a magazine; Documents, with the idea that work of entirely different origins (jazz and archeology, for example) feed each other. One of the motives was to bring together high and low art (Beaux Arts et Variétés).

In this exhibition in different halls, there is always a sculpture positioned next to a painting, it is as simple as that; bald and pure. It connects different ways of looking and comparing. Very disparate worlds are those who nevertheless connect with each other – in a very incomprehensible way. Sometimes narrative, sometimes very formal based on color, but always reinforcing and funny enough never without obligation. It claimed many layers of experiencing, sounds soft but I can not say it nicer.

 

 

 

Sixty people

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Elke keer als ik in het Louvre loop kom ik mensen tegen die me recht in de ogen kijken, of er net langs. Vriendelijk, vals, nieuwsgierig, schrander, verleidelijk broeierig, hooghartig of verlegen. Met reserve of brutaalweg binnendringend en me niet meer loslatend. Ze kijken niet zoveel naar elkaar, vaker naar de toeschouwer of in de verte.
Een volgende keer kom ik ze weer tegen, met onveranderd dezelfde blik, sommigen groet ik met een kleine knik.
Ze komen uit alle eeuwen en voor altijd.

Als je wilt weten wie het zijn en door wie geschilderd, is er het onvolprezen google images, voor wie dat nog niet ontdekte. Je sleept een plaatje naar je bureaublad en dan naar die site, waarna op je scherm de ‘beste gok voor deze afbeelding’ verschijnt met alle beschikbare informatie.

 

Every time I walk into the Louvre, I meet people who look straight at me, or just past me. Friendly, foul, curious, seductive, haughty or shy. With reserve or cheeky intrusive and no longer letting me go. They do not look at each other so much, much more often at the viewer or in the distance.  I meet them again next time, unchanged with the same look, and I nod hello.
The come from all ages and are forever.

If you want to know who it is and painted by whom, there is the wonderful google image search service, for those who have not yet discovered it. You drag an image to your desktop and then to that site, after which the ‘best guess for this image’ appears on your screen with all the information.

 

 

 

Pietà

zadkine argues.jpg

christus .jpg

 

De pietà is het meest aangrijpende beeld in de Christelijke traditie van de late Middeleeuwen. De diep verdrietige moeder en haar dode zoon; dat te grote, stijve, bleke lichaam onhandig liggend op de schoot waaruit hij geboren is. In de vroegste, Duitse versies is het hoofd van Maria afgewend. Dan zijn ze ook alleen, later worden moeder en zoon vaker geflankeerd door Johannes en Maria Magdalena of een paar engelen die het lichaam ondersteunen. De pietà van Michelangelo is het beroemdst, maar een van de minst beroerende.
Vrienden van mij wonen aan de rivier de Lot en daar is in het dorp Les Arques in het voormalig woonhuis en atelier van Ossip Zadkine een klein museum gevestigd, zijn tweede museum naast dat hier in Parijs. De er tegenover liggende neo-romaanse Église Saint Laurent werd op zijn initiatief in de jaren vijftig gerestaureerd en voorzien van een crucifix en een pietà.

Die pietà is prachtig.
Uit een groot stuk iepenhout gehouwen en beschilderd. De ledematen lijken afgehakt, als losse delen toch bijeen gehouden in een dood-groengrijze kleur. Het hoofd van Jezus is als een masker, platgeslagen, het gezicht van Maria verwrongen van pijn. Het zou ook een tekening kunnen zijn, een tekening van Käthe Kollwitz of meer nog van Max Beckmann, door de met zwarte verf geaccentueerde schaduwen. Het beeld is geplaatst op de plek waar je een graftombe verwacht, in een stenen ruimte onder het altaar. En het altaar is gewoon een tafel met een bloem-geborduurd kleed, de zetel van de pastoor gemaakt van een oude, eikenhouten deur. En die móet wel door Zadkine zelf in elkaar zijn gezet.

 

 

 

pieta onder altaar.jpg

The pietà is the most poignant image in the Christian tradition of the late Middle Ages.The deeply sad mother and her dead son; that too large, stiff, pale body lying awkwardly on the lap from which he was born. Maria’s head was averted in the earliest German versions. Then they are also alone, later mother and son are flanked more often by John and Mary Magdalene or a few angels who support the body. The pietà of Michelangelo is the most famous, but one of the least interesting.
Friends of mine live along the river Lot and in the village of Les Arques there is a small museum in the former house and studio of Ossip Zadkine, the second museum next to the one here in Paris. The neo-Romanesque Église Saint Laurent in the village was restored in the fifties its initiative  and provided with a crucifix and a pietà.

That pietà is beautiful.
From a large piece of elm wood carved and painted. The limbs seem to have been chopped off, individual parts are kept together in a dead-green-gray color. The head of Jesus is like a mask, flattened, the face of Mary twisted with pain. It could also be a drawing, a drawing by Käthe Kollwitz or even more by Max Beckmann, by the shadows accented with black paint. The statue is placed where you expect a tomb, in a stone room under the altar. And the altar is just a table with a flower-embroidered tablecloth, the seat of the pastor made from an old oak door. And it múst have been put together by Zadkine himself.

 

ossip z.jpg
Ossip Zadkine in 1955

 

 

 

IMG_3946.jpg

 

 

 

 

 

Pride

 

 

Gay Pride Amsterdam is een NS-dagtrip geworden waar ik met een grote boog omheen fiets. Hier in Parijs zag ik waarvoor die bedoeld is en hoe het ooit begon. Een uitbundige mars door een groot stuk van de stad, waarvoor de boulevards verkeersvrij waren gemaakt en flink werden bewaakt. Geen officiële instanties, geen ijdele provocaties met veel bloot, maar een lange optocht van vrolijke, militante, boze, mooie, extravagante, bezorgde, gewone, swingende mensen die vieren en laten zien dat we er zijn en signaleren dat dat nog steeds geen vanzelfsprekendheid is.

 

IMG_3712

IMG_3731

IMG_3780

 

Gay Pride Amsterdam has become a Railway-day-trip which I try to avoid. Here in Paris I saw what it was meant for and how it started. An exuberant march through a large part of the city, for which the boulevards were traffic-free and well guarded. No officials, no vain provocations, but a long procession of cheerful, militant, angry, beautiful, extravagant, worried, ordinary, swinging people who celebrate and show that we are there and signal that this is still not a matter of course .

 

 

mannequin

 

Te midden van al die uitbundigheid stroomden de grootste golven van opwinding uit de cafés langs de route, van terrassen en uit openstaande ramen; Frankrijk speelde tegelijkertijd voetbal tegen Argentinië en won met 4-3.
Deze dameskapsalon ontplofte zo ongeveer toen het vierde doelpunt gescoord werd, luidkeels Mbappé Mbappé scanderend.

 

In the midst of all that exuberance the greatest waves of excitement flowed from the cafes along the route, from terraces and out of open windows; France played football against Argentina at the same time and won 4-3.
This ladies’ hairsalon exploded just about when the fourth goal was scored.

 

IMG_3791

IMG_3799

The Circle

 

 

Erik Mattijssen Epicerie - 258 x 406 cm- gouache.jpg
L’épicerie du monde in galerie Jean Brolly-Paris

 

Voor mijn vriend Henk Leppink (1956-2009) die sieraden maakte van (oude) knopen was het pas goed als het ‘klopte’. Hij stelde zijn werk samen met spullen van diverse herkomst, en er kwam altijd een moment dat -soms met een enorme omweg- de cirkel rond was. Dan klopte het en was het goed.
Ik ben daar ook gevoelig voor. Dat ik mijn visitekaartje van een gouache van een blik augurken voorzie en even later een foto van mijn vader tegenkom, op zijn eerste voedingsmiddelen-beurs in 1959 temidden van grote blikken augurk, maakt me echt gelukkig. Dat ik hier in de Cité een werk maakte dat als een hommage gezien kan worden aan de kleine kruidenier die nog maar net overleeft, en galeriehouder Jean Brolly daar naar komt kijken en me vertelt dat zijn ouders zo’n zaak hadden in Straatsburg, tja! Bovendien nodigde hij me uit dat werk en de offspring solo te tonen op een nieuwe kunstbeurs, die hier in de tentoonstellingsruimtes van het gebouw georganiseerd gaat worden. En zo zullen de broer en zus Izraël, de eigenaren van de zaak hier om de hoek, eregast zijn.

Bienvenue – curator Olivier Robert
met Galerie Jean Brolly
opening maandag 15 oktober – tot en met zaterdag 27 oktober

HENK_LEPPINK_-_BELANGRIJK_thumb_l.jpg
Henk Leppink – ‘Belangrijk’ – ‘Important’          foto Eddo Hartmann

 

For my friend Henk Leppink (1956-2009) who made jewelry from (old) buttons, it only  made sense when it ‘fit’. He put his work together with items of various origins, and there always came a moment when – sometimes with a huge detour – the circle was complete. Then it was good.
I am also sensitive to that. The fact that I provided my business card with a gouache of a can of pickles and  later I find a photo of my father, at his first food fair in the middle of big gherkin-cans, makes me really happy. That I made a work here in the Cité that can be seen as a tribute to the little grocer who just survives, and gallery owner Jean Brolly comes to see it and tells me that his parents had such a business in Strasbourg, well!


In addition, he invited me to show that work and the offspring solo at a new art fair, which will be organized here in the exhibition spaces of the building of the Cité des Arts. And so the brother and sister Izraël, the owners of the shop around the corner, will be guest of honor.

Bienvenue – curator Olivier Robert
with Galerie Jean Brolly
opening Monday, October 15 – until Saturday, October 27

Green

 

 

 

 

Dat hebben ze hier goed geregeld; je flesje bijvullen met ‘eau petillante’ of lekker gekoelde ‘eau fraîche’ en dat ie het ook nog dóet, die machine. Op een vijf kilometer wandelpad op hoogte, de ‘Promenade Plantée’ langs avenue Daumesnil. Het is een voormalig treintraject tussen Bastille en Vincennes, dat in 1969 werd afgestoten. Op de plaats van het station kwam een operahuis, onder de rails winkels en werkplaatsen (zoals ‘Langs de bogen’ in Amsterdam) en het spoor werd een lommerrijk wandelpad  dat eind jaren ’80 werd ingericht. Het was de eerste. Niet vanuit een concept (niet zo speciaal in aanleg als Piet Oudolf’s High Line in New York, die de begroeiing volgt die er tussen de bielzen te vinden was), maar zeer aantrekkelijk.

 

The city has taken care of it; topping up your bottle with ‘eau petillante’ or chilled ‘eau fraîche’ and it wórks. On a five kilometer footpath at height, the ‘Promenade Plantée’ along avenue Daumesnil. It is a former train track between Bastille and Vincennes, which was turned down in 1969. An opera house replaced the station, shops and workshops were established under the rails and the railway became a shady footpath that was built in the late eighties. It was the first. Not from a concept (not so special as Piet Oudolf’s High Line in New York, who followed the vegetation that could be found between the sleepers), but very attractive.

 

IMG_3213 2.jpg

 

 

 

IMG_3206.jpg

 

 

 

 

I can fly

 

 

IMG_3241.jpg

Miraslav Hucek
Les ailes de M. Makovicka, Prague
1972

 

Op de dia-avondjes van mijn vader zaten tussen de vakantieplaatjes steevast een aantal geheel blauwe of lichtgrijze dia’s, waarop hij dan het vliegtuig aanwees. Een stipje. Voor hem zou een dag in een klapstoel bij een landingsbaan van Schiphol met een pond paling de hemel op aarde zijn geweest. Vliegen in een vliegtuig, dat onvoorstelbaar fenomeen. Ik geloof niet dat hij ooit de wens had zelf te willen vliegen, met eigen vleugels als een vogel. Dat velen dat wél proberen, daarover gaat de allerlaatste tentoonstelling in La Maison Rouge; l’Envol (de vlucht). De vorige tentoonstelling daar (Ceija Stojka en de zwarte poppen) was verpletterend, deze is vooral aandoenlijk. Het zijn allemaal (hardnekkige) pogingen van mensen die geloven dat het kán, op eigen kracht de lucht in, maar uiteindelijk is dat natuurlijk gedoemd te mislukken. Icarus.

Antoine de Galbert, de eigenaar van la Maison Rouge, heeft een grote voorliefde voor de ‘outsider’ kunstenaar. En terecht. En natuurlijk moet je in die hoek de vliegeniers zoeken, die tegen beter weten in de poging wagen. Er is een pracht filmpje over Gustav Mesmer, die vanaf zijn 26e in een psychiatrisch ziekenhuis woonde en daar aan het werk ging op eigen kracht op te stijgen.

gustav-mesmer-041a05d2-50ad-46b7-a7b7-b047542a801-resize-750.jpgGustav Mesmer

Panamarenko, vanzelfsprekend, Roni Horn met haar veren objecten, veel foto’s van spiritistische bijeenkomsten en vermeende waargenomen UFO’s. Een intrigerend slaapkamertje van Ilya en Emilia Kabakov, van een engel die zijn vleugels even over de stoel gehangen heeft. Van Georges Méliès waren er behalve de inmiddels vermaarde film ‘Le Voyage dans la Lune’ ook wat tekeningen die ik nooit eerder zag, als een story board. Aanstekelijke performance filmpjes van Roman Signer. Het mooiste vond ik geloof ik de foto van Cartier-Bresson, van wat ik eerst dacht dat een non was, maar het moet een gelukzalige bruid zijn met haar kersverse echtgenoot. Ik vond in een archief andere foto’s van hem, genomen op dezelfde dag. Allemaal uitgelaten bruiloftsgasten in iets dat op een speeltuin lijkt!

 

IMG_3246

Henri Cartier-Bresson
Chez Gégène, Joinville le Pont
1938

 

At the slide-shows of my father there always were a number of completely blue or light-gray slides between the holiday pictures, on which he then pointed out the plane. A speck. For him, a day in a folding chair around Schiphol with a pound of eel,  would have been heaven on earth . Flying in an airplane, that unimaginable phenomenon. I do not believe that he ever wanted to fly himself, with his own wings like a bird. About the fact that many people try that, is the very last exhibition at La Maison Rouge; l’Envol (the flight). The previous exhibition there (Ceija Stojka and the black dolls) was overwhelming, this is especially touching. These are all (stubborn) attempts of people who believe that it is possible to take to the air on their own, but in the end this is obviously doomed to fail. Icarus.

Antoine de Galbert, the owner of la Maison Rouge, has a great love for the ‘outsider’ artist. Rightly so. And of course you have to find the aviators in that corner, who try to make the effort against better judgment. There is a beautiful video about Gustav Mesmer, who lived in a psychiatric hospital from the age of 26 and went to work there on his own flying-machines.
And Panamarenko, of course, Roni Horn with her feather objects, many pictures of spiritistic meetings and allegedly observed UFOs. An intriguing bedroom of Ilya and Emilia Kabakov, of an angel who has hung his wings over the chair.

From Georges Méliès there were not only the now famous film “Le Voyage dans la Lune” but also some drawings that I never saw before, as a story board. Funny movies by Roman Signer. The most beautiful piece I think is the photo of Cartier-Bresson, of what I first thought was a nun, but it must be a blissful bride with her brand new husband. I found other photographs of him in an archive, taken the same day. All exuberantly happy wedding guests in something that looks like a playground!

 

IMG_3260.jpg

Philippe Thomassin
Flight Time 5h.34
1989-1991

http://www.reseaux-artistes.fr/dossiers/philippe-thomassin

 

LaMaisonRouge_Flying9.jpg
Sethembile Msezane 
Chapungu — The Day Rhodes Fell
2015

 

IMG_3257.jpg

 

 

Georges Méliès
Le Voyage dans la lune
1902

 

In de gerestaureerde versie EN COULEUR !

 

 

 

 

 

IMG_3245.jpg

Jan Malik
Diable au nu
1980

wodehouse.jpg

P M Wodehouse
Le père Patrick Moore de la Scarboro Foreign Mission aux côtés de Notre Dame de Fatima
1970

Hay

IMG_3141

 

Het atelier tegenover mij wordt steeds drie maanden bewoond door twee master-studenten van The Royal College of Art in Londen. Robin Godde is een Fransman die daar nu studeert en onderzoekt hoe het -wereldwijd- met de hooiberg gesteld is. Elk land bouwt zijn eigen hooimijt. Een Zwitser vertelde me dat er daar subsidies zijn voor boeren die de hooimijt weer gewoon op ouderwetse wijze hoog stapelen, zonder plastic verpakking. Robin gaat terug naar Londen en wil kijken hoe hij de hooiberg in de stedelijke omgeving kan plaatsen.
http://www.robingodde.com

Ik las dat er in Nederland op het ministerie voor landbouw ook een hooibergenbeleidsnota bestaat.

 

 

The studio opposite me belongs to The Royal College of Art in London and is each three months inhabited  by two master students.  Robin Godde is a Frenchman who studies there now and examines the- world wide – position of the haystack. Every country builds its own. A Swiss told me that there are subsidies for farmers who simply stack the hay again in an old-fashioned way, without plastic packaging. Robin returns to London to see how he can place the haystack in the urban environment.
I read that there is also a haystack-policy-note at the Ministry of Agriculture in the Netherlands.