Summertime

Berlijn is de stad van muurschilderingen, van old-school-graffiti tot street-art in enorme opdracht-projecten waarmee blinde muren van voorstellingen zijn voorzien. Ik houd er doorgaans niet van. Teveel schilderingen met er-dik-bovenop-liggende boodschappen. En altijd figuratief en uitvergroot, waar het probleem vooral zit; alsof een dertig meter hoge muur zich straffeloos als een canvas schildersdoek laat behandelen.
Maar als de verhoudingen kloppen en het onderwerp aansluit bij de plek en het een goeie schilder is dan kan het echt een verrassing zijn. Ik kende de hal van het huis van Max Diel, die ooit op de Rietveld studeerde, maar alweer 25 jaar aan de Schönleinstrasse in Kreuzberg woont. Hij heeft een aantal jaren geleden aan de huisbaas gevraagd of hij schilderingen aan mocht brengen op de wanden van de hal, die daarom vroegen. En nu vermoeden mensen die langskomen dat het originele voorstellingen zijn die bij de bouw van het huis aan het einde van de 19e eeuw geschilderd werden. Dat is niet zo gek, dat ze dat denken. Zoals Manet het onbezorgde leven kon schilderen, terloops bijna, een ontmoeting in het park, de zon sijpelend over de gezichten, onbekommerd als zomermiddagen kunnen zijn. Zo schilderde Max scènes uit zonovergoten Berlijn, in het park aan het water, met spiegelingen en zwanen en mensen die het er naar hun zin hebben. Met zijn kenmerkende aandacht voor schaduwen, slagschaduwen soms, die de kracht van de zon tonen. Taferelen zijn het waarnaar we mateloos kunnen verlangen.

Wie meer werk van Max wil zien: http://www.maxdiel.de/web/de

Berlin is the city of murals, from old-school graffiti to street art in huge commissioned projects that provide blank walls with images. I usually don’t like it. Too many paintings with superimposed messages. And always figurative and magnified, where the problem is mainly; as if a thirty-meter high wall could be treated as a canvas with impunity.
But if the proportions are correct and the subject matches the place and it is a good painter, then it can really be a surprise. I knew the hall of the house of Max Diel, who once studied at the Rietveld, but has lived on the Schönleinstrasse in Kreuzberg for 25 years. A few years ago he asked the landlord if he could apply paintings to the walls of the hall, who so requested. And now people who pass by suspect that these are original pictures painted during the construction of the house at the end of the 19th century. That is not surprising that they think so. Just as Manet could paint the carefree life, almost casually, a meeting in the park, the sun seeping over faces, carefree as summer afternoons can be. Max painted scenes from sun-drenched Berlin, in the park by the water, with reflections and swans and people having a good time there. With his signature attention to shadows, sometimes drop shadows, showing the power of the sun.
Scenes that we long for.

Who wants to see more of Max’ painting: http://www.maxdiel.de/web/de

The mayor’s office

Er staat een kermispaard in de werkkamer van de burgemeester van Berlijn.
Het maakte deel uit van een carroussel die sinds 1920 door het land reisde, langs de kermissen.
De carroussel raakt in de oorlog zeer zwaar beschadigd, maar dit paard, als enig overgeblevene, werd gerestaureerd en mocht nog een tijd meedoen op een kleinere versie voor kinderen. En nu verbeeld ik me dat dit het paard is dat ik weemoedig rondjes zag draaien in de draaimolen op het Käthe Kollwitzplatz, toen ik daar in het voorjaar van 1989 -nog vóór de Wende- was.
Er hangt ook een opvallend schilderij van Rainer Fetting; ‘Drummer en gitarist’.

Daaronder, op het kastje de cadeaus die een burgemeester krijgt. Er staat een beeldje waar er heel veel van zijn, iets met moeder en kind, of familie en samen.
Ik tikte moeder en kind sculptuur in, in google en daar heb je ze.

There is a fairground horse in the office of the Mayor of Berlin. It was part of a carousel that had traveled across the country since 1920, past the fairs. The carousel was badly damaged in the war but this horse, the only one left, was restored and participated for a while in a small, children’s carousel. Of course, I imagine that it was that melancholic merry-go-round that I saw on the Käthe Kollwitzplatz when I was there just before the fall of the wall, spring 1989.
There is also a striking painting by Rainer Fetting; ‘Drummer and guitarist’.
Below that on the cupboard the gifts that a mayor receives. There is a little sculpture of which there are many, something with mother and child, or family and together. I typed mother and child sculpture into google and there they are.

De werkkamer bevindt zich aan de voorkant van wat ‘Das Rote Rathaus’ heet.
Daarvoor staat een beeld van deze man, een beetje weggedrukt in de bosjes,
er ongetwijfeld neergezet in de DDR tijd.
Ook een sculpturaal cliché, maar ik houd er wel van: standvastig, goeie kop, handen uit de mouwen, en een houweel.

The study is located at the front of what is called ‘Das Rote Rathaus’. This man stands in front of that, a bit hushed in the bushes. Undoubtedly put down in the GDR era. Also a sculptural cliché, but I like it: steadfast, good head, rolling up his sleeves, with pickaxe.

Het maakt allemaal deel uit van de socialistische en communistische iconografie. De gebalde vuist was er als eerste, later door veel bewegingen geadopteerd. De symbolen waarin Oost-Berlijn flink was voorzien, zijn nu ook hier vrijwel verdwenen.

houweel
hamer
sikkel
tandwiel
ploeg
krans van tarwe
rood en geel
zeis
ster
fakkel
zwaard en schild
geweer
rijzende zon

pickaxe
hammer
sickle
gear
plow
wreath of wheat
red and yellow
scythe
star
torch
sword and shield
rifle
rising sun

It’s all part of socialist and communist iconography. The clenched fist was there first, later adopted by many movements. The symbols in which East Berlin was heavily featured have virtually disappeared here too.

Er móest een vrouwelijke pendant zijn daar bij het raadhuis; achter een schutting vond ik haar, met schep.

There had to be a feminine counterpart in front of the town hall; behind a fence I found her, with a shovel.

Monument

Hoe het ook kan.

De Pruisische regering gebruikte het gebouw van architect Schinkel – dat ooit als wachtershuis aan Unter den Linden gebouwd werd – om de Duitse slachtoffers van WOI te eren. Adolf Hitler legt er in 1942 een krans om helden te gedenken. In 1945 wordt het door bombardementen zwaar beschadigd. In 1970 wordt er de Duits – Sovjetrussische vriendschap gevierd met een eeuwige vlam en veel militair vertoon.
In 1991 worden de DDR wandsculpturen verwijderd en krijgt het een nieuwe naam: Centrale gedenkplaats voor slachtoffers van oorlog en tirannie. Het beeld van Käthe Kollwitz (1867-1945), de pietà, wordt geplaatst. De sculptuur maakte ze naar aanleiding van de schetsen die ze tekende, nadat haar zoon Peter omgekomen was in de Eerste Wereldoorlog.

The Prussian government used the building of architect Schinkel, which was once built as a watchman’s house, to honor the German victims of World War I. Adolf Hitler lays a wreath there in 1942 to commemorate heroes. In 1945 it was badly damaged by bombings. In 1970 they celebrated the German – Soviet-Russian friendship with an eternal flame and much military display.
In 1991 the GDR wall sculptures were removed and given a new name: Central memorial for victims of war and tyranny.
The statue of Käthe Kollwitz (1867-1945), the pietà, is placed. The sculpture she made from the sketches she drew after her son Peter had died in the First World War.

Schloss – Palast – Schloss


Het is 1903, de wandelaars lopen over de brug richting het Stadt-Schloss (en dragen allemaal een hoed!). Het enorme slot, sinds eeuwen het centrum van Berlijn vormend, zou vijftig jaar later tot de laatste steen afgebroken worden. Zwaar gehavend uit de oorlog gekomen, maar vooral symbool van Pruisische monarchie, de macht van koningen en keizers, was het de wens van de communistische regering van de DDR het te vervangen door een ander symbool, dat van de triomf van de heilstaat. De overblijfselen van het slot werden in 1950 opgeblazen. Het duurde tot 1971 toen Erich Honecker, de voorlaatste Oost Duitse leider, de opdracht gaf op die plek een Paleis voor het Volk te bouwen; het Palast der Republik. Dat werd na de val van muur, na de eenwording in 1989, onmiddellijk gesloten vanwege de grootste hoeveelheid asbest ooit aangetroffen in een gebouw in Europa. In 2010 was er ook van het Palast niets meer te zien. Op 12 juni 2013 werd de eerste steen gelegd van de wederopbouw van het barokke, monumentale slot.

En kijk, daar staat het weer; spiksplinternieuw.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-atribuut; de bestandsnaam is img_8653.jpeg


It is 1903, the pedestrians cross the bridge towards the Stadt-Schloss (and all wear hats!). The enormous castle, which has formed the center of Berlin for centuries, would be demolished to the last stone fifty years later. Coming out of the war severely damaged, but above all a symbol of the Prussian monarchy, the power of kings and emperors. It was the wish of the communist government of the GDR to replace it with another symbol, that of the triumph of the salvation state. The remains of the castle were blown up in 1950. It wasn’t until 1971 when Erich Honecker, the last East German leader, ordered on this spot the building of a Palace for the People; the Palast der Republik. After the fall of the wall, after unification in 1989, it was immediately closed due to the largest amount of asbestos ever found in a building in Europe. In 2010 nothing was left of the Palast. On June 12, 2013, the first stone was laid for the reconstruction of the baroque, monumental castle.
And there it is again; brand new.

Controverse
De afbraak van het Palast der Republik, dat in de harten van de Oost-Duitsers toch een speciale plaats had veroverd, ging met veel debat gepaard. De bouw van deze kopie van het oorspronkelijk slot was natuurlijk onderwerp van een nog grotere controverse. Zoals Wim T Schippers gelooft in de herbouw van het Paleis voor Volksvlijt op de plaats van de Nederlandse Bank, zo geloofden veel Duitsers in de terugkeer van oude tijden, als het slot er maar weer zou staan. Het verlangen terug te gaan naar de tijd van vóór de grote schuld, krijgt daarin gestalte. Ongetwijfeld mede daarom moest het een centrum voor wereldcultuur worden, -alle volkeren verenigd- en zullen de Berlijnse etnografische collecties er worden ondergebracht.
Het Humboldt Forum heet het, genoemd naar de gebroeders Wilhelm en Alexander Von Humboldt, de oprichter van de eerste universiteit en zijn broer, de ontdekkingsreiziger.

Controversy
The demolition of the Palast der Republik, which had nevertheless conquered a special place in the hearts of the East Germans, was accompanied by much debate. The construction of this copy of the original castle was of course the subject of even greater controversy. As Wim T Schippers believes in the rebuilding of the Paleis voor Volksvlijt on the site of the Dutch Central bank in Amsterdam, many Germans believed in the return of old times, as long as the castle would be restored. The desire to go back to the time before the great guilt takes shape in this. Undoubtedly partly,
for this reason, it had to become a center for world culture, -all peoples united- and the Berlin ethnographic collections will be housed there.
It is called the Humboldt Forum, named after the brothers Wilhelm and Alexander Von Humboldt, the founder of the first university, and his brother, the world explorer.

Het was een merkwaardig gebouw, het Palast. Ik zag het nog in werking in februari 1989, tijdens mijn eerste basisjaar reis, toen we met een klein groepje Checkpoint Charlie passeerden, met een pas-voor- de-dag. Alles rook en was anders daar aan de andere kant van de grens. De kleuren waren anders, in de winkelschappen waren de verpakkingen grijs en bruin, met heldere typografie. Er waren geen reclames. Er stond een vooroorlogse draaimolen op het Käthe Kollwitzplein. We kregen onenigheid over de vraag of het uiteindelijk niet veel mooier was daar, zo eenvoudig en overzichtelijk. Natuurlijk niet, wisten we, een totalitaire staat waarin niemand zijn leven zeker was, is de hel. En dat Palast was natuurlijk je reinste hypocrisie.

It was a peculiar building, the Palast. I saw it in operation in February 1989, on my first basic year trip, when we passed Checkpoint Charlie with a small group, with a pass-for-the-day.
Everything smelled and was different over there on the other side of the border. The colors were different, on the store shelves the packaging was gray and brown, with clear typography. There were no commercial
s. There was a pre-war merry-go-round on Käthe Kollwitzplatz.
We got into a disagreement as to whether it wasn’t much nicer there in the end, so simple and clear. Of course not, we knew, a totalitarian state in which no one could be sure of his life is hell. And that Palast was of course pure hypocrisy.

Er waren behalve enorme zalen voor partijbijeenkomsten, ook concert – en theaterzalen, functionerende telefooncellen, een bowlingbaan, een roterende deurmat en lekkere koffie om de wereld te laten zien dat er goed voor het volk gezorgd werd.
Een grote misleiding was het, maar voor de Oost Duitsers was het ‘t enige beetje luxe vertier.

In addition to huge halls for party gatherings, there were also concert and theater halls, functioning telephone booths, a bowling alley, a rotating doormat, and tasty coffee to show the world that the people were well taken care of.
It was a big deception, but for the East Germans, it was the only bit of luxury entertainment accessible.

The Palast was nicknamed Erichs (Honecker) Lampenladen.

Het Palast kreeg de bijnaam Erichs (Honecker)Lampenladen.

Vijftien jaar lang was het Palast niet meer dan een schil rond een lege, stalen constructie. Een ideale tentoonstellingsruimte die flink benut werd. De Noorse kunstenaar Lars Ramberg liet het woord TWIJFEL aanbrengen, het debat over afbraak of behoud samenvattend. Het was een haat/liefde verhouding, maar voor veel Oost Duitsers zou het verdwijnen van het Palast toch een definitieve breuk zijn met een verleden waar ze met zeer gemengde gevoelens op terugkeken, maar gedeeltelijk ook naar verlangden. Ostalgie.
In 2008 werd begonnen met de afbraak, die 32 maanden duurde.

For fifteen years, the Palast was nothing more than a shell around an empty steel construction. An ideal exhibition space that was put to good use. Norwegian artist Lars Ramberg had the word DOUBT used, summing up the debate about demolition or preservation. It was a love/hate relationship, but for many East Germans the disappearance of the Palast would be a definitive break with a past they looked back on with very mixed feelings, but partly also longed for. Ostalgie.
In 2008 the demolition started, which lasted 32 months.

Toen ik in 2011 in Berlijn was, was er niets meer te zien van Palast noch Schloss; ausradiert.
Maar toen was in 2002 al besloten tot wederopbouw en gedeeltelijke reconstructie van het oude Schloss.

When I was in Berlin in 2011, there was nothing left to see, neither Palast nor Schloss; ausradiert.
But then in 2002, it had already been decided to rebuild and partially reconstruct the old Schloss.

Naar een ontwerp van Franco Stella.

Om het zeker te weten en de tegenstanders van herbouw over de streep te halen werd het slot in steigers nagebouwd en een print op ware grootte aangebracht.
Vorige maand had het feestelijk moeten worden geopend.

To be sure and to persuade the opponents of rebuilding, the Schloss was reconstructed in scaffolding and a full-size print was applied.
Last month it should have been opened festively.

Maar dan was er nog iets:
But then there was another thing:

Een monument! De prijsvraag over het plaatsen van een monument ter ere van de moedige burgers die er toe bijgedragen hadden dat de muur zonder bloedvergieten gevallen was, dat het een friedliche Revolution was geweest. De locatie was duidelijk: op het fundament dat overgebleven was van het enorme Denkmal ter ere van Kaiser Wilhelm I, gelegen in het water van de Spree.

A monument! The competition to erect a monument in honor of the brave citizens who contributed to the wall’s fall without bloodshed. The location was clear: on the foundation that remained of the enormous monument in honor of Kaiser Wilhelm I, located in the waters of the Spree.

Natuurlijk, als alle monumenten die een historische gebeurtenis symboliseren, is ook deze plek onderwerp geworden van een polemische strijd. Er waren meerdere rondes nodig. Stephan Balkenhol hoorde bij de laatste drie. Hij bedacht een vijf meter hoge knielende man in brons. In aansluiting op een soortgelijk beeld elders in de stad. Men was kritisch, het zou teveel refereren aan de knieval van Willy Brandt, waarmee deze in 1970 in Polen geschiedenis schreef.
En helaas, hij haakte af na het verzoek van de jury het ontwerp te verbeteren.

Of course, like all monuments that symbolize a historical event, this place too has become the subject of a controversial battle. Several rounds were required. Stephan Balkenhol was one of the last three. He proposed a five-meter-high kneeling man made of bronze, a follow up to another -balancing- man in the city. They were critical, it would refer too much to Willy Brandt’s bowing down in Poland, back in 1970. One of the most impressive acts of a politician. And unfortunately, he dropped out after a request from the jury to improve the design.

Milla & Partner

In 2011 werd gekozen voor een enorme goud vergulde schaal die in beweging komt als men er op loopt en door de mensen in balans moet worden gehouden. Een soort wip, met een tekst: Wir sind das Volk. Wir sind ein Volk. Brrr… Men is sceptisch en vreest nu al terugkerende technische problemen waardoor mensen vooral in het midden stil zullen blijven staan, en er van bewegen niet veel terechtkomt. Ik zag gisteren dat ze begonnen zijn met de voorbereidingen.


Er wás ooit al een simpel, mooi monument.
Deze boom staat er al lang.
Ik herinner me van een vorig bezoek aan Berlijn dat daar een schommel in gehangen was.
Hoe eenvoudig en vrolijk kun je de vrijheid vieren.

In 2011, a huge gilded bowl was chosen that starts moving when one walks on it and must be kept in balance by the people. A kind of seesaw. But one is skeptical and fearing recurring technical problems, which will cause people to stand still, especially in the middle, and not much movement will be achieved.


There was once a simple, beautiful monument.
This tree has been there for a long time.

I remember from a previous visit that there was a swing in it.
How easily and happily can you celebrate freedom?

https://www.dw.com/de/das-freiheits-und-einheitsdenkmal-in-berlin/av-55130369

Levensmiddel – Food

Het is drie jaar geleden dat ik voor een verblijf van een half jaar aankwam in Parijs
en dit blog begon.
Het Mondriaanfonds bood me de gelegenheid mijn intrek te nemen in Atelier Holsboer in
het Cité des Arts, gelegen aan de Seine die net buiten z’n oevers getreden was.
Het sneeuwde er flink.
Een week geleden kwam ik aan in Berlijn, waar ik vier maanden lang gebruik kan gaan maken van een fijn, hoog en stil atelier aan een Innenhof, in de wijk Prenzlauer Berg.
Mogelijk gemaakt door Livingstone Projects Berlin. https://www.livingstonegallery.nl/projects


Opnieuw sneeuwde het toen ik aankwam.
Maar het grote verschil met Parijs is dat deze stad voorlopig natuurlijk op slot is.
Geen Kneipe, geen restaurant en geen museum is open.
Ik las dat in Oostenrijk de wapenhandel open mag blijven, als system-relevante onderneming.
In Berlijn is dat de boekhandel. Die wordt hier gezien als ‘geestelijk tankstation’, naast de drogist en de supermarkten voor de overige levensmiddelen. Hevig bekritiseerd natuurlijk, want waarom dan ook de bouwmarkt niet? En je kunt ze toch gewoon bestellen? Ik was -hoe dan ook- een beetje ontroerd, toen ik de warm verlichte vensters zag van boekhandel Walther König. Een haven, in de kille, verlaten stad. En een mer à boire, die boekhandel, zoals wij die niet meer kennen.
Berlijn!

It has been three years since I arrived in Paris for a stay of six months and began writing this blog.
The Mondriaan Fund offered me the opportunity to take up residence in Atelier Holsboer in
the Cité des Arts, located along the Seine which had just overrun its banks.
It snowed a lot.
Last week I arrived in Berlin, where I can make use of a nice, high and quiet studio at an Innenhof, in the Prenzlauer Berg district, for four months. Made possible by Livingstone Projects Berlin. https://www.livingstonegallery.nl/projects


It was snowing again when I arrived.
But the big difference is that this city will remain closed for the time being.
No Kneipe, no restaurant, and no museum are open.
I read that in Austria the arms trade can remain open, as a system-relevant company.
In Berlin that is the bookshop. This is seen here as a ‘spiritual gas station’, in addition to the drugstore and the supermarkets for other food. Of course heavily criticized, because why not the hardware store? And you can still order them, right? Anyway, I was a little moved when I saw the warmly lit windows of the Walther König bookstore. A haven in the chilly deserted city.

And a mer à boire, as we no longer have it. Berlin!

Tiepolo

IMG_2445.jpg

Stel je voor; je bent zoon van een bankier en je hoeft je nooit meer zorgen te maken over geld; je reist met je vrouw elk jaar naar Italië om inkopen te doen en je verneemt dat er een fresco van Tiepolo te koop is. Een frésco die Tiepolo in 1750 in de natte kalk op een enorme wand van villa Contarini -even buiten Venetië- aanbracht. De grote centrale voorstelling, een levendig, drukbevolkt tafereel in  pasteltinten, toont de aankomst van Koning Hendrik III twee eeuwen eerder in dezelfde villa. Een tussenstop in Venetië op weg naar Parijs waar hij gekroond zou worden tot de nieuwe koning. Je begrijpt niet hoe het kan; maar zo’n enorme fresco kun je dus losmaken van de wand, laten inpakken, transporteren en plaatsen in het trapportaal van je huis in Parijs.

Dat trapportaal is al een feest op zich. De marmeren trap kronkelt en krult, steeds weerspiegeld en vormt een perfecte context, naadloos overgaand in de scene die Tiepolo schilderde. De enige aanpassing die nodig was in het bestaande marmer, betrof de benen van een wachter die net buiten de lijst vielen. De afbeeldingen doen geen recht, je moet er de tijd voor nemen; het zit zo goed in elkaar, zo wervelend en feestelijk, zo zacht en gloeiend van kleur. 

Imagine; you are the son of a banker and you never have to worry about money; you travel with your wife to Italy every year to do some shopping and you learn that there is a Tiepolo fresco for sale. A frésco Tiepolo painted in 1750 in the wet lime on a huge wall of villa Contarini – even outside Venice. The large central representation, a lively, crowded scene in pastel shades, shows the arrival of King Henry III two centuries earlier in the same villa. A stopover in Venice on the way to Paris where he would be crowned the new king. You do not understand how it is possible; but you can detach such a huge fresco from the wall, pack it, transport it and place it in the staircase of your house in Paris.

That pedestrian portal is already a feast in itself. The marble staircase meanders and curls, always reflected in mirrors and forms a perfect context, seamlessly changing into the scene that Tiepolo painted. The only adjustment needed in the existing marble was for the legs of a guard who just fell outside the list. The images do not do justice, you have to take the time for it; it is so well put together, so swirling and festive, so soft and glowing in color.

henry 3.jpg


Er zijn meer redenen om Musée Jacquemart-André te bezoeken, het in tact gebleven voormalig woonhuis van het echtpaar. Ooit een ‘geheimtip’, nu bekend en druk bezocht. Behalve de Tiepolo zijn er schilderijen van Uccello (Sint Joris en de draak), Mategna en Bellini, Supper at Emmaus van Rembrandt en stillevens van Chardin. Een fantastisch huis, gebouwd voor de museale collectie. En als je snel bent kun je er tot eind januari 2019 tien werken van Caravaggio zien.

Edouard en zijn vrouw Nélie kochten een tweede fresco en plaatsten die tegen het plafond van de eetzaal – nu het restaurant. Een derde Tiepolo fresco buiten Italië is te zien in Wurzburg, in het bisschoppelijk paleis. Daar ben ik ooit met mijn moeder naar gaan kijken die me -toen we na afloop in de auto stapten- zei: zullen we teruggaan en langer blijven. En dat deden we, een paar uur lang.

There are more reasons to visit the Musée Jacquemart-André. Once a ‘secret tip’, now known and crowded. Besides the Tiepolo there are paintings by Uccello (Saint George and the dragon) , Mategna and Bellini, Supper at Emmaus by Rembrandt and still lives by Chardin. A fantastic house, built for the museum collection. And if you are fast you can see ten works by Caravaggio until the end of January 2019

Edouard and his wife Nélie bought a second fresco and placed it against the ceiling of the dining room – now the restaurant. A third Tiepolo fresco outside Italy can be seen in Wurzburg, in the episcopal palace. I once went to see it with my mother who – when we got into the car afterwards – said: “Shall we go back and stay longer. And we did, for a few hours.

De vier continenten van Tiepolo in de entree van het bisschoppelijk paleis in Wurzburg







Grandpa

‘The secret’ – 2014 – 138 x 99 cm – gouache, pencil, pastel on paper – Dela Art Collection


Mijn zus schreef me dat ze best begreep waarom ik het roze beeld van Franz West zo mooi vond en refereerde aan dit werk. Het is de stoel die mijn grootvader maakte, waarin hij altijd zat om de aardappelen te schillen voor het kosthuis dat opa en oma later runden. Ik mocht als kleine jongen de aardappelen stapelen. We hadden een geheim dat niemand mocht weten;  opa sneed met zijn scherpe mes van lucifers prikkers die ik tussen de aardappelen prikte, waarmee ik torenhoog kwam en ze nooit omvielen.

My sister wrote to me that she understood well why I liked the pink sculpture of Franz West so much and referred to this work. It is the chair that my grandfather made, in which he always sat to peel the potatoes for the boardhouse that grandfather and grandmother later ran. I was allowed to stack the potatoes as a young boy. We had a secret that no one should know; grandpa cut with his sharp knife  matches that I pricked between the potatoes, with which I was able to built towers that never fell over.

This was blogpost number 100!

Franz West

 

ADD86620-5585-4840-83B3-A4DE03EBA32C

Een Oostenrijkse kunstenaar met gevoel voor humor, daar zijn er niet zoveel van. 
Bij een tentoonstelling van Franz West denk je vaak; dat ie dat dúrft en er mee wegkomt. Van de pot gerukt en tóch goed. Opnieuw een kunstenaar die zich vrijheden permitteert waarop je alleen maar jaloers kunt zijn. In het Centre Pompidou is er tot 10 december nog een aanstekelijk overzicht te zien van zijn werk. In het voorjaar verhuist de tentoonstelling naar Tate Modern. 
Er is veel te zien, veel om bij te gniffelen, maar het meest genoot ik toch van zijn sculpturen die schijnbaar moeiteloos uitvergroot dezelfde kwaliteit weten te behouden als de kleine schaal-modellen. Voor kleine sculpturen geldt altijd het ‘sokkelprobleem’, hoe plaats je het beeld? Conservator Hans Janssen bedacht ooit om de kleine beelden van Emo Verkerk in het Gemeentemuseum den Haag op meubilair te plaatsen dat toch in de opslag stond. Glanzend gepoetste jaren ’20 houten bureau’s en stoelen waarop de geknutselde vogels stonden te pronken. Franz West loste het zo op:

Verklaarde zelfs de sokkel tot beeld door het gewoon om te draaien.

 

An Austrian artist with a sense of humor, there are rare!
You often think at an exhibition of Franz West; that he dares that and gets away with it. Bonkers but good. Once again an artist who allows himself freedom where you can only be jealous. In the Centre Pompidou, there is a contagious overview of his work until December 10. In the spring the exhibition moves to Tate Modern.
There is a lot to see, a lot to chuckle up, but I enjoyed most of all his sculptures that seemingly effortlessly enlarged maintain the same quality as the small scale models. The ‘pedestal problem’ always applies to small sculptures, how do you position the image? Conservator Hans Janssen ever thought of placing the small statues of Emo Verkerk in the Gemeentemuseum The Hague on furniture that was still in storage. Brightly polished 1920’s wooden desks and chairs on which the tinkered birds stood to show off. Franz West solved it in a different way (photo above)

 

Afbeeldingsresultaat voor franz west rotterdam

 

In Rotterdam liggen langs het water -als je naar het Boijmans loopt -de gekleurde ‘stokbroden’ waarop mensen af en toe zitten om hun broodje op te eten. Dingen van niks zijn het, beetje onhandig in elkaar gelast, raar van kleur en toch prachtig.

In Rotterdam along the water – if you walk to the Boijmans Museum – the colored baguettes’ people occasionally sit down to eat their sandwiches. Blunt shapes, little awkwardly welded together, weird in color and still beautiful.

 

5A40426D-C087-4685-89A9-17B17B9FF156DC2BE5E5-4CD6-4A5F-909A-1F763B0DCF78West was al ‘interactive’ voor het woord in de kunst was uitgevonden. Zijn ‘Passstücke’ (‘adaptives’) van gips en staaldraad zijn gemaakt om opgepakt te worden, te dragen, mee te spelen en leidden al decennia lang tot vrolijke performances.

West was already ‘interactive’ before the word in art was invented. His ‘Passstücke’ (‘adaptives’) of plaster and steel wire were made to be picked up, carried, to play with and have led to cheerful performances for decades.

 

 

 

Radieuse

BBF1D6A2-B89C-439E-8CA8-E0D21B8B373D

Een turquoise betegeld pierenbadje onder de kindercrèche, op het dak van het enorme flatgebouw, dat vooral herinner ik me van een bezoek aan Cité radieuse, het appartementen gebouw dat Corbusier net na de oorlog voor de stad Marseille ontwierp. Officieel bekend onder de naam Unité d’Habitation. En een aardige mevrouw die er vanaf het begin woonde en het tot haar taak zag mensen een blik te laten werpen in het interieur van een van de appartementen. Dat was in Marseille in 2006.
Nu zag ik in het architectuurmuseum van Parijs, officieel ‘Cité de l’architecture et du patrimoine’ , het interieur van een zorgvuldig nagebouwde flat – net als die ik toen bezocht, zoals le Corbusier het bedoeld heeft. Wat is het toch dat (schaal-)modellen, maquettes en reconstructies zo aantrekkelijk maakt.

Alles in de flat is vernuftig, slim bedacht. Ingebouwde boekenkastjes, een schuifdeur met schoolbordverf voor de kinderkamers, een opbergplek onder de trede die met lekkere kussens een zitplaats wordt, kleine versieringen in de betonnen balkontafel, een handige indeling van de (open!) keuken. Het derde huis van Corbusier dat ik in Parijs zie en opnieuw past het als een jas.

47C830FA-EE15-4CA4-9F55-D0F49D3228AB

A turquoise tiled wading pool under the nursery, on the roof of the huge apartment building, is what I remember best from a visit to Cité radieuse, the apartment building that Corbusier designed for the city of Marseille just after the war. Officially known under the name Unité d’Habitation. And I remember a nice lady who lived there from the beginning and it was her wish to let people take a look at the interior of her apartment. That was in Marseille in 2006.
Now I saw in the architectural museum of Paris, officially ‘Cité   de l’architecture et du patrimoine’, a carefully reconstructed flat as I then visited, as Le Corbusier intended it. What is it that makes scale models and reconstructions so attractive.

Everything in the flat is ingenious, cleverly conceived. Built-in bookcases, a sliding door with chalkboard paint for the children’s rooms, a storage place under the tread that becomes a seat with nice cushions, small decorations in the concrete balcony table, a convenient layout of the (open!) kitchen. The third house of Corbusier that I see in Paris and again it fits like a coat.

A15DFD0D-358D-4EFB-889B-9538EFC5629B

Een zaalwacht legde met plezier uit hoe het met de voordeur zit. De brieven schuift de postbode door de smalle brievenbus met het plexiglas plaatje. Het bovendeurtje is voor de bakker en de kruidenier, het blauwe metalen kastje is voor de geleverde zuivel, het vak eronder herbergt een blok ijs met een afvoerslangetje voor het smeltwater!

A guard explained with pleasure how it is with the front door. The letters slides the postman through the narrow mailbox with the plexiglass plate. The upper door is for the baker and the grocery, the blue metal cupboard is for the delivered dairy, the box underneath it houses a block of ice with a drain hose for the melting ice!

858238E4-D26E-42F8-91B5-219B92F0F3A5

 

http://www.citedelarchitecture.fr

Grayson Perry

 

64F11B75-10C1-4FAA-B055-51604824BA2D

‘By trying not to be original I found my distinctive voice’

Ze zijn er: kunstenaars die wars van mode geheel hun eigen gang gaan, tegen de stroom in, volkomen onafhankelijk hun weg zoeken en tóch een groot publiek weten te bereiken. De Brit Grayson Perry is er zo een. Opgegroeid in een ingewikkeld gezin in Essex waar hij zich al op jonge leeftijd uit terug moest trekken,  is hij zijn teddybeer van toen, Alan Measles, trouw gebleven. Vernoemd naar Alan, een vriend uit zijn kindertijd met wie hij tegelijkertijd de mazelen kreeg. De beer vervult nog steeds een belangrijke rol in zijn werk.
Perry vond aanvankelijk in keramiek zijn medium, toen dat in de hedendaagse kunst nog een bedenkelijk materiaal was. Hij ging wandkleden maken toen dat nog niet bon ton was en droeg graag vrouwenkleding vér voor de gender-discussies.

Wat ik zo knap vind is dat hij de zwaarste onderwerpen (identiteit, sexualiteit, macht, politiek) met humor benadert zonder dat het flauw wordt, provocatief is zonder vervelend te zijn, en in full dress ook bewonderd wordt door de hooligans van Chelsea. Hij is uiterst innemend, slim en nieuwsgierig. In een serie over ‘taste’ die hij voor Chanel 4 maakte beweegt hij zich met hetzelfde gemak in de lower- als in de upperclass. Zonder vooroordelen, zonder moreel oordelen.

 

Grayson-Perry-I-Love-Beauty-2005-Private-Collection-02.jpg

They are there: artists who go their own way, against the current fashion, completely independently and yet able to reach a large audience. The Brit Grayson Perry is one of them. Having grown up in a complicated family in Essex, where he had to get away from at an early age, he remained faithful to his teddy bear, Alan Measles. Alan was his friend when he was eight with whom he got the measles at the same time. The bear still plays an important role in his work.
Perry initially found his medium in ceramics, when that was still a questionable material in contemporary art. He was going to make wall hangings when it was not done and liked to wear women’s clothing far ahead of the gender discussions.

What I find so good is that he approaches the heaviest subjects (identity, sexuality, power, politics) with humor without being faint, provocative without being annoying, and in full dress being admired by the hooligans of Chelsea. He is extremely engaged, smart and curious. In a series about ‘taste’ he made for Chanel 4 he moves with the same ease both in the lower and in the upperclass. Without prejudice, without moral judgments.

 

IMG_7672.jpg

 

 

 

Tot 3 februari 2019 is er in de Monnaie de Paris een aantrekkelijk overzicht te zien van zijn werk, met een aantal nieuwe gobelins die betrekking hebben op de Brexit, de motor natuurlijk, Measles, de jurken, veel vazen en grote, nieuwe houtdrukken.

Er is op youtube een schat aan gesprekken, documentaires, en lezingen van Perry te vinden. Deze is mooi:
About the working class’ taste: http://www.youtube.com/watch?v=QJVWvhZQJJE

1DBCBD4B-254D-4D8C-9905-CAF176DB7AAD
motorcycle with chapel at the back, housing Alan Measles

Until February 3, 2019, the Monnaie de Paris shows an attractive overview of his work, with a number of new gobelins related to the Brexit, the motorcycle of course, Measles, the dresses, many vases and large new wood prints.

There is a wealth of conversations, documentaries, and Perry lectures to be found on youtube.

 

 

571DFEE7-B96B-4724-948F-B37FF1B621C7

perry and queen.jpg